Napoleon XIV

Napoleon XIV was de artiestennaam van Jerry Samuels geboren op 3 Mei 1938 in New York. In 1966 bracht hij de single They’re Coming to Take Me Away, Ha-Haaa! uit waar hij een eenmalige hit scoorde.

Van dit nummer verkocht hij meer dan 1 miljoen exemplaren. Blijkbaar waren veel artiesten waaronder Amanda Lear onder de indruk van dit nummer en coverden zijn single. 

Jerry Samuels schreef ook het nummer The Shelter of Your Arms voor Sammy Davis JR uit 1964.

 

 

Adele dood?

Volgens Twitter zou Adele zijn overleden.

R.I.P. Adele was er als trending topic te lezen op Twitter. Gelukkig leeft Adele nog en was dit een grap van een stelletje idioten die dit bericht verspreiden. Fans schrokken zich rot toen ze dit bericht zagen.

Demi Moore en Cher werden eerder deze waak al doodverklaard door een stel mafkezen. Eerder dit jaar werd ook Rihanna doodverklaard op de sociaalnetwerksite nadat ze zogenaamd een vliegtuigongeluk had gehad.

Hot Chocolate

Het Britse Hot Chocolate kende ongekend succes als discoband in de jaren 70 en 80 en werd opgericht door Errol Brown. Brown begon zijn muziekcarrière met het maken van een reggaeversie van John Lennons Give Peace A Chance, maar er werd hem verteld, dat hij toestemming nodig had van Lennon. Tot Browns verbazing werd hij benaderd door Apple Records, omdat John Lennon zijn versie goed vond en kreeg vervolgens een contract aangeboden bij Apple Records. Daarna werkte de band samen met producent Mickie Most aan vele singles, waaronder “Love Is Life” uit 1970, “Brother Louie” uit 1973 en “Emma” in 1974.

Geleidelijk introduceerden ze hun karakteristieke funky geluid. De band was in het begin niet erg succesvol in de Benelux, maar Hot Cholocate bleef stug doorgaan.

Toen in 1975 de discoperiode aanbrak, brak ook Hot Chocolate door en hadden ze met name in het Verenigd Koninkrijk veel succes. Grote hits waren o.a. “You Sexy Thing” in 1975, “So you win again“ 1977, “Every 1′s A Winner“ 1978, “No doubt about it“ 1980, “Girl Crazy” en “It Started With A Kiss“, beiden uit 1982.

In 1987 maakte Ben Liebrand remixes van oude hits van Hot Chocolate; You sexy thing (remix) stond maar liefst 29 weken in de Nationale Hitparade maar kwam nooit hoger dan de 29e plaats.

Errol Brown begon vervolgens aan een weinig succesvolle solocarrière met uitzondering van één kleine hit: “Personal Touch” in 1987. In 2003 ontving Brown de Order of the British Empire (equivalent van de ridderorde) en in 2004 de Ivor Novello Award voor zijn grote bijdrage aan de Britse muziek.

Hot Chocolate is echter nog niet gestopt en blijft doorgaan met tours en optredens. In 1975 verliet basgitarist Tony Wilson de groep omdat hij het niet eens was met de verzoeting en vercommercialisering van de sound die Errol Brown zo beviel. Tony scoorde in 1977 een hit in de Benelux met “I like your style“..

Barbarella

Barbarella was een trio bestaande uit Angela Vermeer, Ingrid Brans en Leslie Doornik. De single We Cheer You Up (Join The Pin Up Club)” was de openingstune van het Veronica-programma De PinUp Club dat in 1988 en 1989 op televisie te zien was. Deze single bereikte in 1989 de vierde plaats in de Top 40. In Europa kreeg het lied enige aandacht: zo werd de videoclip begin jaren ’90 vaak uitgezonden in het Verenigd Koninkrijk op de niet meer bestaande video-verzoek-kanaal Lifestyle Satellite Jukebox.

Snel na het succes van We Cheer You Up werd het debuutalbum Sucker For Your Love uitgebracht: een nummer met een paar orginele tracks en verder covers en remixes. De titelsong Sucker For Your Love is een cover van het nummer Dracula’s Tango van Toto Coelo en ook is een versie van het bekende nummer Summer in the City opgenomen. Andere singles van dit album werden hits in Nederland en zelfs Finland.

In 1991 bracht Barbarella in gewijzigde samenstelling het album Don’t Stop The Dance. Niet veel later besloten de dames om er mee te stoppen.

Riot

Riot is in 1975 opgericht door gitarist Mark Reale. De band had grote successen in de in de jaren tachtig en negentig.  De band heeft een langlopende succesvolle geschiedenis maar kende een zeer groot verloop in de bezetting.

Mark Reale, toen gitarist bij Kon-Tiki en drummer Peter Bitelli trokken bassist Phil Feit en zanger Guy Speranza aan voor de opname van een demo van vier nummers. Vrij snel werd ook toetsenist Steve Costello aangetrokken. Hoewel de nummers op de demo het niet haalden kreeg de groep een contract bij Fire-Sign Records

Phil Feit wordt vervangen door Jimmy Iommi en het eerste album Rock City wordt opgenomen. De Britse DJ Neil Kay introduceert hen in het Verenigd Koninkrijk en dit laat hen toe het tweede album Narita op te nemen. Gedurende de opnames wordt Kouvaris vervangen door Rick Ventura. De band mag als support act bij de Amerikaanse tour van Sammy Hagar spelen en Capitol Records is bereid Narita wereldwijd uit te brengen, indien Riot, Sammy Hagar ook op de UK-tour vergezeld.

Na de tour verliest Capitol interesse in de band, en het is Arnell en Loeb, het management van de band die de verdere promotie financiert. Capitol stemt hierna in in de opname van een derde album, Fire Down Under. De platenfirma was evenwel ontevreden met het resultaat, en weigerde het album te verdelen. Met de steun van management en fans wordt een akkoord bereikt. De band tekent bij Elektra Records die het album direct uitbrengen. Het zou het best verkopende album van de groep worden. De single haalt de Billboard Hot 100.

Guy Speranza (overleden in 2003 aan kanker) verlaat in 1981 de band uit religieuze overwegingen en wordt vervangen door Rhett Forrester. In 1982 wordt Restless Breed opgenomen. Forresters gedrag en nieuw Elektra management leiden tot een einde van het platencontract. Bij de fans ontstaat ook verwarring tussen Riot en Quiet Riot, op dat moment enorm populair met hun Slade-cover “Cum on Feel the Noize”. Hun volgende album in eigen beheer en uitgebracht op het onafhankelijke Canadese label Quality Records, Born in America kan het tij niet keren en de band valt uit elkaar.

In 1986 komt Riot terug en weet een contract met CBS Records af te sluiten. In 1988 verschijnt het album Thundersteel en in 1990 The Privilege of Power.  In 1990 volgen nog een paar personeelswijzigingen. Het Nightbreaker album uit 1993 wordt het laatste voor manager Steve Loeb die in 1995 door Reale wordt bedankt. De daaropvolgende jaren kent de groep een opvallend stabiele bezetting en enkele goed onthaalde albums zoals Brethren of the Long House uit 1996, Inishmore en Shine On  uit 1998 en Sons of Society uit 1999. Na Through the Storm uit 2002 is Army of One uit 2006 voorlopig het laatste album van Riot.

In 2011 maakte de band een comeback met het album  Immortal Soul.

Oprichter Mark Reale, overleed op 25 januari 2012 aan de ziekte van Crohn, een ziekte waarmee hij bijna zijn hele leven kampte. Mark lag de laatste twee weken van zijn leven in coma als gevolg van subarachnoïdale bloeding.

You Really Got Me akoestisch

Van Halen heeft het nummer You Really Got Me uit 1978 akoestisch opgenomen.

Kijk, luister en geniet.

Jerry Rix

Jerry Rix is geboren als Geertjan Lacunes te  Amsterdam op 19 juni 1947 en is de zoon van Toby Rix (Tobias Lacunes). Hij brengt in 1964 op zijn vijftiende zijn eerste single Ebb Tide uit, onder de naam Gerry Rix.

In 1967 maakt hij met onder meer Patricia Paay deel uit van de Nederlandse equipe tijdens het Knokke Festival. Hij behaalt in 1971 de vijfde plaats bij een songfestival in Roemenië. Als de Duitse groep Love Generation begin jaren zeventig een vervanger zoekt voor hun programma Hits A Go-Go, vragen ze Jerry Rix.

Rix verhuist hij naar Duitsland en begint een Duitstalige carrière. Na een paar singles tekent hij in 1975 bij Jupiter Records en worden zijn volgende platen geproduceerd door Sylvester Levay en Michael Kunze (Silver Convention), waaronder de discohit Disco Train. Vanaf midden jaren zeventig levert Rix in München achtergrondvocalen op discoplaten van onder anderen Donna Summer, La Bionda, Jackie Robinson, Claudja Barry, Boney M. (Little Drummer Boy), The Bellamy Brothers en Joy Fleming.

Hij is de mannelijke vocalist op alle platen van de Duitse discogroep Silver Convention, al blijven zijn bijdragen onvermeld op de hoezen van die band. Hij is onder meer te horen in een duet met Zenda Jacks op Spend The Night With Me, een van de laatste singles van Silver Convention. Hij maakt ook enige tijd deel uit van de groep White Heat. Rix neemt twee singles op met voormalige Silver Convention-zangeres Linda G.Thompson,  Du Bist Schuld, Daß Uns’re Kinder So Aussehn Wie Du en Wochenende.

De zanger staat tweemaal als achtergrondzanger op het podium tijdens de finale van het Eurovisie Songfestival, bij de optredens van MeKaDo en Stone And Stone. Hij is coauteur van nummers voor internationale sterren, onder anderen Elton John (Victim Of Love in 1979), Donna Summer (Who Do You Think You’re Foolin’ in 1980), Melba Moore, Patsy Gallant, David Hasselhoff, Tony Christie, Al Martino, Engelbert Humperdinck, Roland Kaiser, Lena Valentias en Angelika Milster.

Jerry Rix verruilt Duitsland voor Griekenland en vestigt zich met zijn gezin op Rhodos.